|

De sp.a is een stadspartij die ruimte wil geven aan mensen. Soms moet je gewoon de ruimte opeisen. Pascal Smet: “Als minister van mobiliteit en openbare werken kan mijn beleid herleid worden tot die ene betrachting: ruimte geven. Bij de voorstelling van deze lijst heb ik spontaan gedacht aan het organiseren van een informele picknick omdat een picknick nu éénmaal perfect past bij de realiteit van onze lijst. Waar je ook opgroeit: in Tetouan of Izmir, in Poelkapelle of Jodoigne, iedereen heeft herinneringen aan die zondagse uitstappen met familie en vrienden. Het zijn vaak ook momenten uit onze jeugd die bijblijven.
Een verkiezingsprogramma staat niet op zich, maar wordt gedragen door mensen. Van alle partijen is vooral de lijst van sp.a een toekomstlijst, een stadslijst. Het is een lijst van sterke en ambitieuze mensen, van diversiteit. Onze kandidaten hebben uiteenlopende achtergronden, zijn opgegroeid in zeer verschillende culturen. Deze lijst is net als Brussel gekleurd, divers, controversieel, enthousiast en … gedurfd! Pascal Smet: “Dat is goed! Mijn ambitie voor Brussel is, denk ik bekend, maar hoe hard ik ook werk, mijn ambitie zal niet volstaan. Samen met de ambities van Yamila, Sophie, Mevlüt, Fouad, Elke, Anke en alle anderen kunnen we het waarmaken.
sp.a is de enige partij die een echte Brusselse visie heeft. Net zoals onze kandidaten de Brusselse realiteit reflecteren, is ons programma geënt op een gedeelde en coherente visie van hoe het nu verder moet met onze stad.
Als wij het voor het zeggen krijgen de volgende vijf jaar, dan zullen we werk maken van Brussel. Investeren, investeren en nog eens investeren. De volgende legislatuur moet een investeringslegislatuur worden: 1,5 miljard voor de vernieuwing van het rioleringsnet, 2,5 miljard om passiefscholen te bouwen, 2,5 miljard voor nieuwe metrolijnen, tram- en treinlijnen...
-
Wij willen meer agenten op straat die Brussel goed kennen. De Brusselpremie (nu ongeveer € 250/maand) moet verdubbelen voor de agenten die in brussel komen wonen.
-
Wij hebben de ambitie om te werken aan een ondernemende stad. Werkgelegenheid is – meer dan ooit in de tijden van onzekerheid en crisis – een absolute prioriteit.
-
We willen een beter bestuur met minder structuur en minder politici. Wij willen 1 stad met 1 burgemeester die ook de Minister-President is van het gewest én voorzitter is van 1 politiezone. Bevoegdheden zoals mobiliteit, parkeerbeleid, ruimtelijke ordening, grote stedenbouwkundige projecten, fiscaliteit, economie, werk, citymarketing, veiligheid enz... worden sowieso overgeheveld naar het gewest.
-
Wij vinden dat een gedwongen gemeenschapskeuze niet te rijmen valt met een geïntegreerd stedelijk beleid. Brussel moet verenigd worden en niet verdeeld: we willen bijvoorbeeld geen gezondheidszorg met 2 snelheden, maar gelijke rechten voor alle Brusselaars.
-
We willen een nieuw Gewestelijk Ontwikkelingsplan (GewOP) dat kiest voor een compacte stad. Op sommige plaatsen (zone rond het Weststation, de Noordwijk, Thurn & Taxis, de kanaalzone & de Zuidwijk) moet de stad dicht bebouwd zijn, liefst in de hoogte met gemengde functies (wonen, handel, kantoren). Op andere plaatsen moet er meer openbare ruimte komen.
-
Investeren in de openbare ruimte en ontmoeting mogelijk maken maken. Wij willen de ingeslagen weg van stadsvernieuwing opdrijven. Wat geslaagd is voor Flagey kan dat ook voor tal van wijken in de stad.
-
Wij willen de leefomgeving aangenamer maken en het aandeel van de auto met 22% terugdringen: een voetgangerszone in elke wijk, de vijfhoek zoveel mogelijk verkeersvrij maken.
Wie voor ons kiest kiest, krijgt de verzekering dat hij een Brusselse stem uitbrengt. Wie voor ons stemt krijgt de zekerheid dat een ploeg vastberaden mensen zich voor 200% zullen inzetten om in de komende 5 jaar Brussel beter, aangenamer, leefbaarder en eerlijker te maken!
Pascal Smet: “Ik hoop dat wij de Brusselaars kunnen overtuigen om veel vaker dan nu het geval is de stad te leven en te beleven. De vernieuwing van talrijke pleinen, het inperken van de ruimte die aan de wagen is toebedeeld in de Brusselse straten, ten bate van voetgangers en fietsers is één middel om dat te stimuleren. Beleid is één ding maar het gaat ook om hetgeen zich afspeelt in de hoofden van de Brusselaars.”
|